Als samenleving zijn we zo geconditioneerd dat we uitgaan van de indicatie die de weegschaal aangeeft als een fysieke indicator van hoe gezond of fit we zijn. Maar of de weegschaal nu je beste vriend of ergste vijand is, er zijn betere lichaamsmetrieken die een veel betere indicator zijn voor wat er in je lichaam aan de hand is. Een ervan is de lichaamssamenstelling. Oké, je bent aan het afvallen (of gewicht aan het aankomen), maar is het vet of is het metabolisme bevorderende spiermassa?

We weten dat het hebben van mager spierweefsel enorm veel voordelen heeft zoals:
– Meer kracht
– Verminderd het risico op letsel
– Ondersteunt een gezonde levensstijl voor de toekomst (als je ouder bent!)

Spieren hebben over het algemeen de neiging om te verslappen. Vanaf het 30ste levensjaar met ongeveer 1 procent per jaar en vanaf het 70ste levensjaar is dat zelfs tot 3 procent per jaar.

Het National Institute of Health concludeerde in een onderzoek dat de spierkracht afneemt van mensen van 40 jaar tot 80 jaar tussen 16,6% en 40,9%!

Voor vrouwen in het bijzonder draagt lichaamsvet veel bij aan het ondersteunen van de voortplantingsorganen en aan een regelmatige en gezonde menstruatiecyclus, een indicator van vruchtbaarheid. Alleen omdat een persoon mager is, gespierd is of een laag lichaamsvetpercentage heeft, betekent niet altijd dat die persoon ook gezond is.

MANIEREN OM JE LICHAAMSVET TE METEN

1. Huidplooimeter

Dit wordt gedaan door op 3 verschillende plaatsen van het lichaam in huidplooien te knijpen. De metingen van het lichaamsvetpercentage kunnen direct op de huidplooimeter worden afgelezen. Deze methode is echter over het algemeen niet efficiënt voor zwaarlijvige (obese) mensen. En kan een grote foutmarge hebben als de metingen op verschillende momenten door telkens andere personen bij je worden gedaan en geïnterpreteerd. Als je deze methode gebruikt, zorg er dan voor dat steeds dezelfde persoon de meting doet om een meer nauwkeurige vergelijking te garanderen. Een huidplooimeting is niet de meest nauwkeurige meting van alle methoden, maar het kost ook niet veel tijd.

2. Bio-elektrische impedantie

Nee, je krijgt geen stroomschok. In feite zul je niets voelen. Een meting wordt gedaan met de slimme weegschalen van deze wereld. Ofwel de ‘duurdere apparaten’ met elektroden waar je met de voeten op gaat staan en ook wel met extra elektroden voor de handen. Hoe werkt het? Elektrische impulsen worden door het lichaam gestuurd en vervolgens gemeten hoe snel ze door het lichaam gaan. Je krijgt een nauwkeurigere meting als je de weegschaal gebruikt met zowel elektroden voor de voeten en voor de handen. Deze weegschalen zie je vaker in sportscholen.

3. Hydrostatische weging Deze weging is veel nauwkeuriger dan de vorige twee omdat er een berekening wordt gemaakt op basis van waterverplaatsing. Je wordt dus ondergedompeld! Het lichaamsgewicht wordt vergeleken buiten water en in het water om de dichtheid en dus de lichaamssamenstelling te berekenen. Deze methode wordt meestal toegepast in een medische omgeving.

4. Luchtverplaatsing (plethysmografie) Deze methode lijkt sterk op hydrostatisch wegen, maar dan met lucht die de verplaatsing meet in plaats van water. Dit wordt gedaan door in een machine te zitten, ook wel Bod Pod genoemd. Net als bij de hydrostatische weging wordt deze methode vaker toegepast in een medische omgeving. Zodra je jouw percentage lichaamsvet hebt bepaald, kan je in de onderstaande tabellen zien wat dat betekent:

Fysieke weergave van percentages lichaamsvet bij mannen

Fysieke weergave van percentages lichaamsvet bij vrouwen    

TIPS OM LICHAAMSVET TE VERLIEZEN EN WEG TE HOUDEN

  • Voer weerstandstraining uit (met apparatuur of met behulp van je eigen lichaamsgewicht) om kracht en spierweefsel op te bouwen.
  • Neem LISS en HIIT cardio op. Onder ‘normale’ cardio wordt vaak Low-Intensity Steady Sate Cardio (LISS) verstaan. Hierbij beweeg je met een constante ritme op een lage intensiteit. Een andere, en wat meer explosievere, vorm van cardio is High Intensity Interval Training (HIIT). Hierbij train je in korte intervallen op bijna maximum vermogen.
  • Eet voedingsmiddelen die rijk zijn aan micronutriënten en vezels.
  • Zorg voor voldoende kwaliteit aan slaap op regelmatige basis (je kan een tekort aan slaap niet later goedmaken).
  • Sta open voor het uitproberen van verschillende soorten activiteiten en oefeningen om te voorkomen dat je lichaam gaat wennen en er geen progressie meer is.
  • Drink veel water, zelfs als je geen dorst hebt.